Als praktijkopleider heeft hij op dit moment zeven jongeren onder zijn hoede. ‘Als ze het mbo-diploma hebben gehaald en hun rijbewijzen op zak hebben, is mijn missie geslaagd.’

‘Dit werk is niet voor iedereen weggelegd’, vertelt Bob. ‘In de horecabelevering moet je als chauffeur niet alleen goed kunnen rijden, maar ook flink kunnen sjouwen. Een fust bier weegt al zeventig kilo. Nou, dan weet je het wel. Daarom zijn het ook eigenlijk altijd jongens die dit werk graag willen doen. De meiden zijn van harte welkom hoor, maar die melden zich bij ons zelden of nooit aan als leerling-werknemer.’


Mentorchauffeur

Bij de start worden de leerlingen, na een korte introductie, wegwijs gemaakt in het bedrijf en gekoppeld aan een mentorchauffeur. ‘Dat is een groot voordeel’, zegt Bob. ‘Ze gaan meteen de weg op en dat is wat ze willen. Ze beginnen als bijrijder, halen in de loop van de tijd hun rijbewijzen en groeien door tot chauffeur. Ze leren het vak in de praktijk vooral van de mentorchauffeur. Dat zijn mannen die het werk tot in de puntjes beheersen. Ze kennen de horeca in Amsterdam en omgeving als geen ander, beheersen de trucjes om veilig te lossen en ze vinden het leuk om hun kennis op een leerling over te dragen.’


Netflixen

‘In het leerproces heb ik mijn eigen rol’, zegt Bob. ‘Ik zie de leerlingen elke dag.  Meestal is dat ’s ochtends bij het laden. Wat ik dan doe? Ik observeer een kwartiertje. Ik ga mij niet met hun werk bemoeien. En ik ben er natuurlijk als ze mij nodig hebben. Verder overleg ik regelmatig met de mentorchauffeur. Tweemaandelijks heb ik op een vast moment een gesprek met de leerling. Meestal weet ik het dan al wel als er iets speelt. Kijk, we laten hier veel over aan het eigen initiatief van de leerlingen, maar ik hou ze wel in de gaten. Als ik bijvoorbeeld hoor dat ze als bijrijder zitten te Netflixen onderweg, dan spreek ik ze direct aan.’


Mbo-diploma

Bob besteedt ongeveer tien procent van zijn werktijd aan de begeleiding van leerlingen. Daartoe behoort ook het overleg met STL en de school. Bob: ‘We praten over praktische zaken en de voortgang van de leerlingen. Ja, ik bemoei mij ook met hun schoolopdrachten. Want ik wil wel dat zij uiteindelijk het mbo-diploma halen. Dat is echt een voorwaarde om bij Simon Loos te blijven werken. Dat lukt overigens heel aardig. Meer dan negentig procent van de leerlingen komt na het leerwerktraject bij ons in dienst. De rest waaiert uit en vindt meestal emplooi bij een ander transportbedrijf. Ook mooi vinden wij. Chauffeurs zijn in de hele branche hard nodig en daar dragen wij graag ons steentje aan bij.’


Groeispurt

‘Weet je wat ik nou zo leuk vind aan dit onderdeel van mijn werk’, zegt Bob. ‘Dat je soms heel onverwacht een leerling enorm ziet groeien. Natuurlijk, groeien doen ze allemaal. Maar soms is er een die zo’n enorme sprong maakt. Zo had ik ooit een leerling-werknemer waarover ik eigenlijk een beetje mijn twijfels had. Een hele timide jongen. Nu is hij een van mijn beste mensen en al op jonge leeftijd mentorchauffeur. Ja, dat zijn wel de pareltjes waarvan je zelf ook een beetje gaat glimmen.’