Het tekort aan geschoolde vakkrachten is voelbaar in steeds meer branches. De transportsector voorzag dit al in een vroeg stadium en nam gepaste maatregelen, bijvoorbeeld met het zij-instroomproject van het Sectorinstituut. Steeds meer transportbedrijven ondernemen nu ook zelf actie, zoals GEFCO uit Oosterhout. Will Walravens, directeur automotive: ‘Vooruitdenken is het sleutelwoord.’ 

GEFCO Benelux uit Oosterhout is een van de grootste spelers op het gebied van auto-(onderdelen)transport en logistiek. Met zo’n 140 mensen, waaronder ruim vijftig chauffeurs, worden jaarlijks meer dan 200.000 auto’s vervoerd. De groei zit er weer stevig in. De verkoop van auto’s trekt aan, opdrachten stromen binnen. Maar het aantrekken van nieuwe chauffeurs blijft een lastig verhaal, horen we van Will Walravens. 


Waar ligt het probleem?

‘GEFCO is een mensgericht bedrijf, dat afwisselend en boeiend werk heeft voor chauffeurs. Ik twijfel er niet aan dat er altijd mensen zullen zijn die dit werk graag bij ons willen doen. Alleen kost het heel wat inspanning om goede medewerkers te vinden en aan ons bedrijf te binden. Dat was in het verleden ook al zo, maar nu zijn we extra veel tijd kwijt om dit voor elkaar te krijgen.’


Welke extra middelen zet u in bij de werving van chauffeurs?

‘Wij hebben het geluk dat veel mensen nog steeds spontaan solliciteren of reageren op een vacature. De mond-tot-mondreclame werkt erg goed. Daarnaast zijn we heel actief op het gebied van de social media, maar onderschat de kracht van de traditionele media niet. Die is niet weg te denken, zeker niet bij onze doelgroep. We zorgen er stelselmatig voor dat we in de krant staan. We kunnen een advertentie plaatsen, maar ook proberen om aandacht te krijgen met een leuk nieuwtje. En weet je, eigenlijk is er altijd wel nieuws. De distributie van de nieuwe C3 van Citroën bijvoorbeeld. Dat is nogal een spektakel en daarmee halen we de pers. Hetzelfde is gebeurd na de lancering van de nieuwe Peugeot 308. Zelfs de komst van een nieuwe bushalte voor onze deur heeft nieuwswaarde. Zo werken we aan naamsbekendheid en branding.’


Hoe zorgt u verder voor voldoende instroom van chauffeurs?

‘Op diverse manieren. Vorig jaar zijn we met een aantal bedrijven uit de sector transport en logistiek om de tafel gaan zitten en hebben we het Logistiek Platform Amerstreek (LPA) opgericht. We willen een brug slaan tussen overheid, onderwijs en bedrijfsleven om jonge mensen te interesseren voor het logistieke vak, van chauffeur tot planner. Onlangs hebben we de decanen van alle scholen uit het lbo- en mbo-onderwijs uitgenodigd en een presentatie gegeven. Daar werd enorm enthousiast op gereageerd. We gaan open dagen houden in onze bedrijven, er komen snuffelstages en leerlingen gaan werkopdrachten uitvoeren. Het gaat daarbij om jongens en meisjes van 12 tot 14 jaar, die we zo laten kennismaken met de transport en logistiek. En dit is nog maar het begin. We zijn nu een website aan het bouwen, dat één loket moet worden voor iedereen die zich op ons vak wil oriënteren: leerlingen, schoolverlaters en zij-instromers. Daar gaan we ook stages en betaalde functies aanbieden, terwijl scholen er hun opleidingen kunnen promoten.’


Welke rol speelt het Sectorinstituut hierbij?

‘Begin februari hebben we samen met De Graaf Logistics en Rietveld Transport en Logistics deelgenomen aan een maatwerkbijeenkomst voor zij-instromers. Ik vond de opzet echt top geregeld door het Sectorinstituut, erg professioneel. Er waren 34 kandidaten, waarvan er tien zijn doorgestroomd naar de testdagen. Zij worden nu door het Sectorinstituut getest op rijvaardigheid, reactievermogen, intelligentie en dergelijke. We zijn benieuwd hoeveel er uiteindelijk gaan doorstromen, want voor ons is dit nieuw. Ik zie het als een verlengstuk van wat wij altijd al hebben gedaan: mensen die chauffeur willen worden vooruithelpen, een kans geven en plezier in het leven bieden.’


Wat doet GEFCO om als werkgever aantrekkelijk te blijven?

‘Ik denk dat wij al behoorlijk aantrekkelijk zijn. We hebben een platte organisatie, communiceren veel en houden twee keer per jaar een bedrijfsbijeenkomst. Al geruime tijd kent ons bedrijf een vierdaagse werkweek, omdat we de werk-privébalans belangrijk vinden. Minder dagen werken kan ook, en dat gebeurt regelmatig. Standaard maken chauffeurs bij ons dagen van twaalf uur. We moeten allemaal langer werken en dan moet je zuinig omgaan met je energie. Daarnaast hebben we een health- and safetyprogramma, waarin we letten op veilig en gezond werken. Verder zijn de wagens van alle gemakken voorzien. Chauffeurs krijgen uitstekend materieel mee. We hebben bijna geen verloop, dus denk ik dat we het goed doen voor onze mensen.’


Heeft u nog een tip voor collega-transporteurs?

‘Blijf vooruitdenken. Je moet in deze tijd superactief zijn en blijven zaaien om steeds van een goede oogst verzekerd te zijn.’